Nevenwerkzaamheden; zijn deze toegestaan?

Het is een bekend verschijnsel dat werknemers 2 banen naast elkaar hebben. Vooral parttimers houden er soms een 2e of een 3e (bij)baan op na.

Echter het komt ook voor dat een werknemer 2 fulltime banen naast elkaar in stand houdt. Zonder een duidelijk verbod staat het deze werknemer vrij nevenwerkzaamheden te verrichten, maar is de werknemer uit hoofde van de Arbeidstijdenwet wel verplicht zijn werkgevers schriftelijk in te lichten over het feit dat hij bij meer dan één werkgever werkzaamheden verricht.[1]

Verbod op nevenwerkzaamheden?

Een werkgever kan belang hebben bij een bepaling die nevenwerkzaamheden verbiedt, om bijvoorbeeld imagoschade aan zijn bedrijf te voorkomen; of een juiste naleving van de Arbeidstijdenwet te garanderen.[2]

De vrijheid van de werknemer om naast zijn werk andere (betaalde) werkzaamheden te verrichten kan wel worden beperkt door een verbod in de arbeidsovereenkomst op te nemen, of via een verbod in een van toepassing zijnde cao. Maar zelfs als nevenwerkzaamheden niet uitdrukkelijk door een beding in de arbeidsovereenkomst verboden zijn, dan nog oordelen sommige rechters dat het verrichten van nevenwerkzaamheden in strijd kan zijn met de verplichtingen zich als goed werknemer te gedragen.[3]

De vraag of een werkgever de werknemer aan het beding kan houden zal steeds moeten worden beantwoord aan de hand van een afweging tussen de belangen van werkgever en werknemer.[4]

Een werknemer zal ook met succes aan het beding worden gehouden als de nevenwerkzaamheden zijn prestatievermogen negatief beïnvloeden, of indien de nevenwerkzaamheden negatieve gevolgen hebben voor de gezondheid van de werknemer.

Een beding van nevenwerkzaamheden kan ontoelaatbaar zijn bij parttimers of oproepkrachten, omdat zij niet te zeer mogen worden beknot in hun mogelijkheden elders in hun inkomen te voorzien.

Nevenwerkzaamheden tijdens ziekte

Het komt regelmatig voor dat een zieke werknemer tijdens ziekte (betaalde) nevenwerkzaamheden verricht voor een derde of voor zichzelf. Dit kan een grondslag vormen voor beëindiging van de arbeidsovereenkomst.[5]

[1] Beide werkgevers kunnen er vervolgens op toezien dat normen in de Arbeidstijdenwet niet worden overschreden en zijn, als dit toch gebeurt, verplicht jegens deze werknemer maatregelen te nemen.

[2] Het verbod van nevenwerkzaamheden is niet in de wet geregeld.

[3] Een beding inzake nevenwerkzaamheden kan inhouden dat het de werknemer verboden is tijdens het dienstverband (concurrerende) activiteiten te ontplooien. Het kan ook de strekking hebben dat alle betaalde nevenwerkzaamheden worden verboden (dus niet alleen de concurrerende activiteiten).

[4]Zo zal een nevenfunctie als secretaris van de plaatselijke tennisvereniging veelal wel zijn toegestaan, maar het verrichten van nevenwerkzaamheden waarbij de werknemer de eigen werkgever beconcurreert vrijwel nooit.

[5] Zie Gerechtshof 's-Hertogenbosch, 1 maart 2018, ECLI:NL:GHSHE:2018:852 en Rechtbank Noord-Holland, 19 september 2018; ECLI:NL:RBNHO:2018:7958) waaruit volgt dat rechters voor het antwoord op de vraag of de werkgever al dan niet terecht is overgegaan tot ontslag waarde hechten aan de volgende omstandigheden:

  • Of er sprake is geweest van concurrerende werkzaamheden;
  • De mate waarin de werknemer open kaart heeft gespeeld en de werkgever de bedrijfsarts heeft geïnformeerd over de nevenwerkzaamheden;
  • Of de werknemer met het verrichten van nevenwerkzaamheden zijn herstel en re-integratie heeft gefrustreerd, vertraagd en/of tegenwerkt;
  • In hoeverre het voor de werkgever mogelijk was een minder vergaande sanctie; zoals bijvoorbeeld opschorting of staking van de loondoorbetaling toe te passen.